Wenszinnen
Als de hoofdzin een wens of gebod uitdrukt (wensen, bevelen, verzoeken, verlangen enz.), dan wordt de ondergeschikte deelzin de wensvorm (= gebiedende wijze, die eindigt op -u) ingeleid met ke (dat).
- Mi deziras, ke vi lernu. – Ik wil dat je leert!
graag hebben, lusten
ŝati – graag hebben, mogen, op prijs stellen:
- Mi ne ŝatas lerni. – Ik houd niet van leren.
- Mi ŝatas teon. – Ik heb graag thee. Ik lust thee.
- Mi ŝatas kafon, sed mi preferas teon. – Ik heb graag koffie, maar ik heb liever thee. Ik lust koffie, maar geef de voorkeur aan thee.
Je
Je is een voorzetsel zonder vaste betekenis. Het wordt gebruikt waar geen ander geschikt voorzetsel past.
- Mi revenos je la tria (horo). – Ik zal om drie uur terugkomen.
- Je kioma horo vi venos? – Om welk uur zult ge komen?
- Je via sano! – Op uw gezondheid!
💡 Ezelsbrug: bij kloktijd is je een veilige vaste oplossing: je la tria = om drie uur.
Achtervoegsel -et
Verkleining, afzwakking:
- libreto – boekje
- dometo – huisje
- beleta – knap
- eta – klein
Achtervoegsel -eg
Vergroting, versterking:
- belega – prachtig, schitterend
- homego – reus
- varmega – heet
- bonega – uitstekend, excellent
- ege – in hoge mate
- grandega – reusachtig
Achtervoegsel -iĝ
worden, in een toestand komen:
- interesiĝi – zich interesseren
- saniĝi – gezond worden
- proksimiĝi – naderen/ dichtbij komen
- trankviliĝi – rustig worden/ kalmeren
⚠️ Waarschuwing: -iĝ- betekent dat iets zelf verandert of zo wordt. Het verwante -ig- ("maken, veroorzaken") komt in les 8 terug.
Farti
– Kiel vi fartas? – Hoe gaat het met u?